Daar heb je mijn dochter!

Het mooie weer houdt aan en ik gun mam zoveel mogelijk vitamine D. Daarnaast is het absoluut geen straf om mam mee te nemen naar het terras. Als je verder met haar wilt wordt het lastiger. Dat moet met de rolstoel en dat vindt ze maar eng. We leggen ons erbij neer dat de tijd dat we haar mee naar ons huis konden nemen voorbij is. Als ik aan kom fietsen zie ik haar al breed lachend op het terras zitten. De activiteitenbegeleiding heeft haar, samen met enkele andere bewoners, getrakteerd op zonnebad met frisdrank. ‘Kijk, daar heb je mijn dochter!’ zegt mam opgetogen tegen haar, eveneens breed lachende buurvrouw. Het voelt warm en welkom. Als ik naar mams buurvrouw kijk vraag ik me af of het een nieuwe bewoonster is of visite van een van de andere mensen van de afdeling. Ze ziet er helder en netjes uit. Bloemige, goed passende zonnejurk, deftig kapsel en idem oorbellen.

Een oud bekkie

Ik krijg een stoel aan de rechterkant van mam. Ze heeft geen gebit in en bij navraag weet de begeleiding niet precies waarom. ‘Mam, je hebt geen tanden vandaag?’ vraag ik. ‘Nee, nu je het zegt. Dan heb ik wel een oud bekkie,’ grapt ze en vouwt haar lippen nog wat meer naar binnen, zodat een klein spleetje overblijft. Een oud grapje van pap, die zijn gebit verstopte achter zijn rug en dan een stokoud opaatje nadeed. Om de grap compleet te maken draait ze zich om naar haar buuf om het te showen. Buurvrouw bloem reageert venijnig en geeft een onverstaanbaar antwoord, eindigend met een welgemeend: ‘Ga toch weg mens!’, waarbij ze een gebaar maakt alsof ze mam daadwerkelijk wegwuift. Ik krijg acuut buikpijn en vind het sneu voor mam. Maar ze kijkt me schouderophalend aan en doet het gebaar van buurvrouw bloem na. Mam laat zich niet uit het veld slaan en doet een poging buurvrouw bloem te verstaan die vindt dat ze mam nog het een en ander onder de neus moet wrijven. Mam zegt: ‘Ik versta u niet.’ Buurvrouw bloem herhaalt snibbig: ‘Ik versta u niet? Ik versta u niet? Nou het is goed met je!’ Mam lacht naar me en verblikt of verbloost er niet onder, terwijl ik steeds meer buikpijn krijg. Deze oprecht laconieke houding is nieuw voor haar, maar ik moet zeggen: de wereld zou een mooie plek zijn als we die van haar konden leren.

Natuurlijke zorgzaamheid

Mam ziet dat ik in de schaduw zit en kijkt om zich heen of ze me aan een straaltje zon kan helpen. Haar natuurlijke zorgzaamheid is vandaag even wakker. Buurvrouw bloem wijst me behulpzaam op een stoel een paar meter verderop en kijkt me stralend aan als ze zegt: ‘Of zit je lekker zo?’, waarna ze me nog eens vriendelijk toeknikt als ik dat beaam. Buikpijn verdwenen.

Witte kunsttanden

Als ik even later afscheid heb genomen, draai ik me om en werp mam nog een kushandje toe die ze onmiddellijk retourneert. Buurvrouw bloem blaast me ook een kusje toe en lacht haar prachtige witte kunsttanden bloot .